Energieterrorist versus Biobased Diehard

biobased diehard Uit column Cobouw zomerspecial, 14 augustus 2014 door Jan Willem van de Groep:
“Duurzaamheid is toch meer dan energie?”. Het is de inkopper van de dag als ik vergeet er tijdens mijn lezing iets over te zeggen. Ik ben door echte biobased-diehards zelfs eens uitgemaakt voor energieterrorist. Dat ben ik echter niet zonder reden. Duurzaam bouwen…..lees meer

Reactie Atto Harsta:
Geachte energieterrorist, beste Jan Willem;

Zie het als een geuzennaam want die verdien je absoluut in je onvoorwaardelijke strijd voor verduurzaming!
Als biobased diehard heb ik je die naam destijds (tijdens Ecobouw 2014) echter niet zomaar gegeven. Ik ga ervan uit dat jij het gehele veld van duurzaam bouwen overziet evenals de onderlinge relaties, tegenstrijdigheden en afhankelijkheden. Dat is helaas voor veel toehoorders van jouw en mijn lezingen zeker niet het geval.
Bouwend NL loopt niet bepaald voorop met een doorgronde feiten- en praktijkkennis. Ik word blij om te lezen dat jij nu ook de ‘embodied energy’ tot jouw geuzenstrijd rekent (dat deed jij destijds nog niet en zal ik in mijn biobased lezing absoluut hebben benoemd). Want naast grondstoffenschaarste als reden om anders te gaan materialiseren is het inderdaad ook de hoeveelheid energie die nodig is om een materiaal, product of bouwdeel te maken, transporteren en te monteren die in de energiebalans van een gebouw een steeds belangrijker rol gaat spelen.

Ik refereer vooral naar terrorisme vanwege de kortzichtigheid waarin de energiediscussie zich momenteel beweegt (geen persoonlijke maar algemeen aanklacht dus).
De markt heeft niets aan nul-op-de-meter woningen die ongezond zijn (ook daar kan natuurlijk materialiseren veel aan verbeteren), of slechts zeer beperkt houdbaar zijn vanwege niet of slecht functionerende installatievoorzieningen, of niet toekomstbestendig zijn omdat het beperkte geld in de verkeerde (lees eenzijdige) zaken is gestoken.
Ik ben groot voorstander van ruime, goed geïsoleerde casco’s en ook allerlei andere bouwkundige voorzieningen die het energieverbruik blijvend verlagen.
Helaas zijn veel van de huidige energieneutrale concepten gebaseerd op de EPG berekening die voor meer dan 80% installatietechnische voorzieningen overwaardeert. Deze voorzieningen hebben veelal een hoge eigen embodied energy, verbruiken in hun korte levensduur ook nog eens veel energie (vaak veel meer dan in de berekeningen meegenomen) en hebben een beperkte levensduur (waardoor ze in 75 jaar minimaal 3 keer moeten worden vervangen). Gebruikersgedrag blijkt uitermate onvoorspelbaar, door de enorme verscheidenheid aan gebruikers en nog grotere complexiteit aan technologie. Hier ligt echt een belangrijke ontwikkeluitdaging, zeker ook om ooit nul op de meter garanties te kunnen geven.

Zoals de trias energetica voorschrijft moeten we met besparen beginnen. Daar ligt de huidige opgave. Het is fantastisch dat jij deze strijd onvermoeibaar voert. Technologisch zijn alle oplossingen er al om te isoleren en duurzaam energie op te wekken. In de praktijk moet er nog veel gebeuren om dat te bewerkstelligen. Via innovatie en financiering mbv de energierekening moet dat gaan lukken. De volgende opgave ligt vooral op grondstofniveau. Daarin hanteren wij de Trias Materialis, waarbij eveneens besparing bovenaan de prioriteitenlijst staat. Vervolgens moet je een verstandige keuze maken in hernieuwbare (biobased kringloop) of recyclebare producten (technologische kringloop). Wij strijden nu hard voor de biobased kringloop omdat deze nog zo’n grote achterstand heeft in de bouwpraktijk en omdat de technologische kringloop pas echt werkt als de recycling oneindig wordt toegepast of net zo lang als nodig om de grondstof weer te vernieuwen….

Gezien de uitputting van de aarde, kunnen we onze strijden best gelijktijdig voeren.
Het is dus niet de energieterrorist versus de biobased diehard maar de energie-idealist én de biobased diehard (circulaire fanaten) die het verschil kunnen maken!

Energieke groet, Atto Harsta

Advertenties

Eenvoudig naar een biobased gebouwde omgeving


Plafond Richard Rogers Barajas Madrid
Houten funderingspalen in plaats van betonnen, vlas- of hennepisolatie in plaats van glas- of steenwol, bamboe kozijnen in plaats van aluminium of pvc en kabelgoten van zetmeel in plaats van pvc. Dat zijn vier eenvoudige stappen op weg naar een biobased gebouw.

Cobouw 28 maart 2013 door Maartje Henket

Biobased is een visie die uitgaat van een economie gebaseerd op hernieuwbare grondstoffen. Deze zijn veelal van dierlijke of plantaardige herkomst. De gebruiksduur van een product moet voorts overeenstemmen met de tijd die het kost om het te verbouwen. Een eikenhouten tafel is bijvoorbeeld onverantwoord, omdat een eik er tenminste vijftig jaar over doet om volwassen te worden en niemand vijftig jaar met zijn tafel doet. Het gebruik van fossiele aardolie is op die gronden nooit te rechtvaardigen, want het ontstaan hiervan kost enige miljoenen jaren.

Directeur Atto Harsta van Aldus bouwinnovatie geeft de ommezwaai weer die de bouw moeten maken om aan deze voorwaarden te voldoen. “De focus moet verschuiven van energie naar grondstoffen. We sturen nu op energieverbruik – en dan ook nog eens alleen op het gebouwgebonden energie. De energie die nodig is om het gebouw te maken, te gebruiken en weer te slopen blijft buiten beschouwing. Een goede gebouw LCA zou al beter zijn dan de EPC, op dit moment een heel slap sturingsinstrument.

Deze tunnelvisie op energiebesparing en kierdichting leidt volgens Harsta tot onprettige en ongezonde gebouwen. “We lezen inmiddels regelmatig over het slechte binnenmilieu in extreem nageïsoleerde huizen. Een goed ontworpen biobased huis is dampopen, net als de huid van de mens. De toegepaste materialen hebben geen schadelijke effecten.”

Er zijn vier manieren waarop groene grondstoffen kunnen worden toegepast. De eerste en eenvoudigste is rechtstreeks, zoals bij een groene gevel of een groen dak. Bij de tweede manier wordt het groen eerst geoogst en vervolgens met geen of minimale bewerking gebruikt, zoals bij een rieten dak of een wand van wilgentenen en leem. De derde manier behelst een iets ingewikkelder verwerkingsproces, waarbij echter geen chemie komt kijken. Een voorbeeld hiervan is linoleum. De vierde manier is de meest geavanceerde. Hier worden materialen omgezet naar wezenlijk andere producten door iets te veranderen in de moleculaire keten. Hierbij moet je denken aan bioraffinage zoals het product biofoam of bij bioharsen voor de productie van biocomposieten. Het eindproduct ziet er hetzelfde uit als de fossiele tegenhanger.

Harsta ziet de meeste kans voor producten uit niveau drie en vier. “Soms is het proces van applicatie sturend. Daarom moet je biobased alternatieven ontwikkelen die op eenzelfde manier kunnen worden verwerkt als hun traditionele tegenhanger. Biofoam kan PUR-schuim bijvoorbeeld één op één vervangen en is daardoor gemakkelijk te implementeren. Bovendien geven producten uit niveau drie en vier de grootste vormvrijheid – en zijn ze gemakkelijker op te schalen. Het kost meer moeite om een dergelijk product te ontwikkelen, maar als je het eenmaal hebt, kun je er wel gemakkelijk meer van maken.”

In de visie over biobased bouwen is nog een laatste aspect van belang. De gebruikte grondstoffen moeten van dichtbij komen. “We kunnen op zich al een volledig biobased huis bouwen van producten die we in Nederland verbouwen. Maar de kunstmest die we gebruiken, komt uit Marokko en uit China. En de metalen die we gebruiken in onze computers en telefoons, komen uit China. Dat maakt ons kwetsbaar. Als je het hele plaatje echt goed bekijkt, dan wil je naar een circulaire economie: een economie waarin we alles hergebruiken en niets van ver halen. Dat is moeilijk haalbaar, maar gelukkig hebben we al veel grondstoffen in omloop. Laten we die in elk geval koesteren en hergebruiken. En dan bedoel ik zowel de lithium uit je telefoon als het leer van je oude bank.”

Verschillen traditioneel en biobased
product                  traditioneel materiaal      biobased variant
isolatiemateriaal      steenwol, glaswol                 vlas, hennep, schapenwol
kozijnen                   aluminium, pvc                     hout, biocomposiet, bamboe
metselmortel            cement                                 schelpenkalk
buitengevelisolatie   eps, cementmortels             dampopen biobased constructies
–                                                                            zoals houtvezelisolatie en stuc
–                                                                            kunststof van aardappelschillen
Een uitgebreide lijst is te vinden op http://www.cobouw.nl