Level playing field voor biobased bouw!?

Hoe ongelijk is het speelveld van Eindige versus Biobased bouwmaterialen? Wat zijn de belemmeringen in de wet- en regelgeving voor biobased bouwen? En wat zijn op basis van die inzichten effectieve stimulerende maatregelen die een gemeente zelfstandig kan nemen?

De gemeente Almere groeit de komende jaren nog stevig door, tot 2040 moeten er nog 60.000 woningen worden gebouwd. En dat, zo duurzaam mogelijk. Almere wil met haar visie Growing Green Cities deze nieuwe opgave circulair ontwikkelen. Biobased bouwen past uitermate goed in die plannen. Tegen deze achtergrond is de gemeente Almere benieuwd of er wettelijke belemmeringen zijn die het speelveld voor Biobased bouwen ongelijk maken. Aldus bouwinnovatie is gevraagd dat wettelijke speelveld te onderzoeken. De onderzoeksvraag luidde;
Selecteer de 10 meest relevante knelpunten voor de acceptatie en adoptie van biobased bouwen (materialen en producten) in de huidige bouwregelgeving.
Het wegnemen van deze belemmeringen moet resulteren in een stimulans voor biobased bouwen.
En onderzoek welke maatregelen de Gemeente kan nemen ter stimulering van biobased bouwen en de toepassing van biobased bouwmaterialen.

Het onderzoek leverde een aantal nieuwe inzichten op. De wettelijke belemmeringen in bijvoorbeeld het Bouwbesluit liggen diep verscholen in de bepalingsmethoden waar normen naar verwijzen. Dat vraagt nogal wat stappen om die boven water te krijgen. Voor een aantal materialen of toepassingen is dat gelukt.
De grootste belemmeringen worden echter veroorzaakt door het juist niet kunnen toepassen van kwaliteiten, fysieke eigenschappen en dergelijke. Onze belangrijkste conclusie luidde dan ook; ‘Zoek geen belemmeringen in de eisen die het bouwbesluit stelt, maar toon en beloon de positieve bijdragen van biobased materialen / constructies aan een gezonder, comfortabeler, duurzamer en energiezuiniger gebouw aan.’

Aldus heeft vanuit de positieve en onderscheidende eigenschappen van biobased bouwen en biobased materialen een reeks aan stimulerende maatregelen benoemd waar de Gemeente mee aan de slag kan. De Gemeente Almere, Provincie Flevoland ondertekenen binnenkort een Green Deal waarin een aantal concrete acties die aansluiten op deze uitkomsten worden opgepakt.

Heeft u interesse in het onderzoek, vraag dan nu de rapportage aan via: aldus@aldus.nl

Geoogste hennep uit Almere wordt verwerkt

SONY DSCHet mooie nazomerweer van september was gunstig voor het roten en persen van de hennep (processtappen na het maaien). De balen zijn afgevoerd naar Hempflax waar de hennep wordt verwerkt tot vezels en scheven.

De hennep halffabrikaten kunnen vervolgens tot een grote hoeveelheid producten en (bouw-)materialen worden verwerkt. Van isolatiemateriaal, bouwblokken van kalkhennep, beplating tot weefsels voor stoere bouwkleding. Een mooie toepassing voor Almere zijn de biocomposiet straatnaambordjes gemaakt van hennepvezels en biohars. Daarnaast zal het eerste drijvende paviljoen van de Floriade, en werkatelier van de Urban Greeners, gebouwd worden met onze lokaal gekweekte hennep, toegepast als isolatiemateriaal en hennepbeton.

We moeten herontdekken wat we met deze materialen kunnen doen en hoe we die maximaal kunnen benutten. In deze nieuwe groene economie zullen er door bioraffinage ook geheel nieuwe materialen tot onze beschikking komen. Denk daarbij aan allerlei plastic-vervangers maar ook hernieuwbare transparante materialen.

Wat betreft gemeente Almere wordt er op een drietal plekken gekeken voor een vervolg van het project Biobased Bouwakkers. Zo ligt er in Almere Poort Oost naast het Groenhorst College een braakliggend terrein van twintig hectare, waar Anne Marie van Osch (Gemeente Almere) graag in samenwerking met Aldus bouwinnovatie en het Groenhorst College een aantal verschillende gewassen wil poten om van daaruit te bepalen welke biologische materialen ideaal zijn voor de bouw- en voedselsector. “Het doel is om in aanloop naar de Floriade meer eigen productie te hebben om daarmee zo duurzaam mogelijk te kunnen bouwen,” aldus Van Osch. “Het plan is om ook te experimenteren met bamboe, dat bijvoorbeeld als natuurlijke geluidswering kan dienen. En naarmate dat bamboe groeit, kan een deel voor andere toepassingen worden gebruikt. Denk daarbij aan toepassingen voor de verfindustrie en materiaal om 3D mee te kunnen printen.” Wat deze biobased materialen nog meer voor ons in petto hebben, moet nog blijken.

Als het aan Aldus ligt wordt er niet alleen maar met aardappelschillen, een bewezen alternatief voor onder meer bioplastic, en bamboe geëxperimenteerd. Ook gras, stro en andere agro-reststromen, wat tot nu toe voornamelijk als afvalproducten worden geclassificeerd, passeren de revue als bruikbare grondstoffen voor een circulaire, efficiënte maar vooral gezonde gebouwen.

SONY DSC

MUST SEE: 4x hennep video

Genoeg van geestdodende TV en op zoek naar inspiratie? Zie hier 4 geestverruimende  video fragmenten over hennep “the bilion dollar crop”. Voor jong en oud, ter lering en vermaak:

  1. Bringing it home “hemp is hope”
  2. Kevin McCloud over Swindon eco-project “It’s a no-brainer”
  3. Klokhuis hennep aflevering “hennep is niet stuk te krijgen”
  4. Oogstfeest Almere op omroep Flevoland (vanaf 2min07) “hennep draagt bij aan duurzame bouwsector”

Vanaf 2min07: een initiatief van Aldus bouwinnovatie!

Energieterrorist versus Biobased Diehard

biobased diehard Uit column Cobouw zomerspecial, 14 augustus 2014 door Jan Willem van de Groep:
“Duurzaamheid is toch meer dan energie?”. Het is de inkopper van de dag als ik vergeet er tijdens mijn lezing iets over te zeggen. Ik ben door echte biobased-diehards zelfs eens uitgemaakt voor energieterrorist. Dat ben ik echter niet zonder reden. Duurzaam bouwen…..lees meer

Reactie Atto Harsta:
Geachte energieterrorist, beste Jan Willem;

Zie het als een geuzennaam want die verdien je absoluut in je onvoorwaardelijke strijd voor verduurzaming!
Als biobased diehard heb ik je die naam destijds (tijdens Ecobouw 2014) echter niet zomaar gegeven. Ik ga ervan uit dat jij het gehele veld van duurzaam bouwen overziet evenals de onderlinge relaties, tegenstrijdigheden en afhankelijkheden. Dat is helaas voor veel toehoorders van jouw en mijn lezingen zeker niet het geval.
Bouwend NL loopt niet bepaald voorop met een doorgronde feiten- en praktijkkennis. Ik word blij om te lezen dat jij nu ook de ‘embodied energy’ tot jouw geuzenstrijd rekent (dat deed jij destijds nog niet en zal ik in mijn biobased lezing absoluut hebben benoemd). Want naast grondstoffenschaarste als reden om anders te gaan materialiseren is het inderdaad ook de hoeveelheid energie die nodig is om een materiaal, product of bouwdeel te maken, transporteren en te monteren die in de energiebalans van een gebouw een steeds belangrijker rol gaat spelen.

Ik refereer vooral naar terrorisme vanwege de kortzichtigheid waarin de energiediscussie zich momenteel beweegt (geen persoonlijke maar algemeen aanklacht dus).
De markt heeft niets aan nul-op-de-meter woningen die ongezond zijn (ook daar kan natuurlijk materialiseren veel aan verbeteren), of slechts zeer beperkt houdbaar zijn vanwege niet of slecht functionerende installatievoorzieningen, of niet toekomstbestendig zijn omdat het beperkte geld in de verkeerde (lees eenzijdige) zaken is gestoken.
Ik ben groot voorstander van ruime, goed geïsoleerde casco’s en ook allerlei andere bouwkundige voorzieningen die het energieverbruik blijvend verlagen.
Helaas zijn veel van de huidige energieneutrale concepten gebaseerd op de EPG berekening die voor meer dan 80% installatietechnische voorzieningen overwaardeert. Deze voorzieningen hebben veelal een hoge eigen embodied energy, verbruiken in hun korte levensduur ook nog eens veel energie (vaak veel meer dan in de berekeningen meegenomen) en hebben een beperkte levensduur (waardoor ze in 75 jaar minimaal 3 keer moeten worden vervangen). Gebruikersgedrag blijkt uitermate onvoorspelbaar, door de enorme verscheidenheid aan gebruikers en nog grotere complexiteit aan technologie. Hier ligt echt een belangrijke ontwikkeluitdaging, zeker ook om ooit nul op de meter garanties te kunnen geven.

Zoals de trias energetica voorschrijft moeten we met besparen beginnen. Daar ligt de huidige opgave. Het is fantastisch dat jij deze strijd onvermoeibaar voert. Technologisch zijn alle oplossingen er al om te isoleren en duurzaam energie op te wekken. In de praktijk moet er nog veel gebeuren om dat te bewerkstelligen. Via innovatie en financiering mbv de energierekening moet dat gaan lukken. De volgende opgave ligt vooral op grondstofniveau. Daarin hanteren wij de Trias Materialis, waarbij eveneens besparing bovenaan de prioriteitenlijst staat. Vervolgens moet je een verstandige keuze maken in hernieuwbare (biobased kringloop) of recyclebare producten (technologische kringloop). Wij strijden nu hard voor de biobased kringloop omdat deze nog zo’n grote achterstand heeft in de bouwpraktijk en omdat de technologische kringloop pas echt werkt als de recycling oneindig wordt toegepast of net zo lang als nodig om de grondstof weer te vernieuwen….

Gezien de uitputting van de aarde, kunnen we onze strijden best gelijktijdig voeren.
Het is dus niet de energieterrorist versus de biobased diehard maar de energie-idealist én de biobased diehard (circulaire fanaten) die het verschil kunnen maken!

Energieke groet, Atto Harsta

Handvatten voor Circulair Bouwen

PrintEens in de zoveel tijd steekt er in duurzaamheidsland weer een nieuwe term de kop op. Iedereen laat dan vallen waar hij mee bezig is en rent achter de nieuwste trend aan.
Op dit moment is het toverwoord “circulaire economie”.
Hoewel mijn intro enigszins cynisch mag klinken, is er inhoudelijk niets mis met deze nieuwste stroming. Alle eer komt toe aan Ellen MacArthur en haar gelijknamige foundation, die deze term inhoud en bekendheid heeft gegeven. Overigens is er heel veel overeenkomst met de Cradle to Cradle filosofie van McDonough en Braungart (vooral gericht op productniveau tov systeemniveau).

Een circulaire economie is regeneratief (vermogen tot zelf herstellen) van ontwerp. Hij bestaat uit 2 materiaalstromen; biologische materialen, die de natuur weer kan opnemen, en technologische materialen die zo lang mogelijk in omloop dienen te blijven met zo min mogelijk kwaliteitsverlies. De circulaire economie draait uiteindelijk volledig op hernieuwbare energie. Voor inhoudelijke achtergrond raden we de 3 rapporten “towards the cricular economy” van harte aan.

Maar wat betekent dit nou voor de bouw? Kunnen wij een vertaling maken van dit circulaire gedachtengoed waarmee onze sector concreet (en meetbaar) aan de slag kan? Ja dat kan en dat is ook hard nodig. We hebben een ecologisch begrotingstekort van 30% en consumeren 3 aardbollen. De bouw is daarbij verantwoordelijk voor verbruik van:

  • 30% van onze grondstoffen
  • 40% van het totale energieverbruik
  • 40% van de totale CO2 emissie (waarvan 5% door beton!)
  • 30% van het afval
  • 20% waterverbruik

Gelukkig zijn er goede voorbeelden van circulaire bouwprojecten zoals Gemeentehuis Brummen. We moeten echter uitkijken niet alleen op het gebouwniveau te focussen, want een volledig recyclebaar gebouw is nog geen optimum voor de circulaire economie. Wij doen een voorzet en geven een aantal handvatten:
Circulair bouwen dient op de niveaus Gebied, Gebouw en Gebruiker te worden geïmplementeerd. Als methodiek onderscheiden we de volgende stappen met aandachtspunten:

Stap 0: Algemeen

  • invoeren van biologische kringloop: cascaderen (= hoogste toegevoegde waarde uit je biomassa halen)
  • invoeren van technische kringloop: recyclen en levensduurverlenging
  • zoek cross sectorale verbanden met synergie
  • innoveer op product- én procesniveau 

Stap 1: Gebied

  • Welke natuurlijke bronnen zijn beschikbaar?
  • Welke reststromen uit de buurt zijn bruikbaar?
  • Wie kan mijn reststromen (na minimalisatie) nuttig gebruiken?
  • Voer een exergie analyse op gebiedsniveau uit!
  • Hoe bevorder je de plaatselijke biodiversiteit?

Stap 2: Gebouw

  1. Niet bouwen
  2. Hergebruiken waar mogelijk; te beoordelen op:
    – gebouwniveau
    – onderdeelniveau
    – materiaalniveau
    – grondstofniveau
  3. Alleen nieuwbouw als het niet anders kan!
    – demontabel bouwen
    – scheiding van onderdelen met verschillende levensduren
    – materiaalkeuze; hanteer onze “Trias Materialis”
    – materiaalkeuze; gebruik LCA (NB*: met verstand!)
    – maak gebruik van een grondstoffenpaspoort
    – ontwerp op Total Cost of Ownership

Stap 3: Gebruiker

  • Stimuleer nieuwe businessmodellen; van eigendom naar gebruik!
  • Sturen op bewustzijn; geef inzicht en feedback
  • Stimuleer duurzaam gedrag; minimaliseren van energieverbruik en afvalproductie & maximaliseren van levensduur
  • Maximaliseren van gebruiks- en onderhoudsgemak; “idiot proof”
  • Maximaliseren van comfort en gezondheid
  • Sturen op prestaties (energie, reststromen, binnenklimaat, etc.)

Heeft u op deze ruwe methode iets aan te vullen? Wij vernemen graag uw reactie! Voor achtergrond of hulp bij implementatie neem dan contact met ons op.

*NB: men dient rekening te houden dat de LCA methode te weinig stimulans geeft voor positieve eco-impact ipv alleen minder schade berokkenen. Daarnaast wordt de optie voor recycling na gebruik slecht meegewogen. Zie “Life Cycle Assesment for a Circular Economy”.

Gezocht: natuurlijke schoolgebouwen

The Green School BaliTerwijl wij druk bezig zijn met de circulaire economie, en in bijzonder met biobased bouwen, blijven we sterk vertegenwoordigd in duurzame onderwijshuisvesting. Dat is toch prima te combineren? In de praktijk valt dat tegen, maar in mijn droom komen deze 2 onderwerpen samen!

Circulaire economie:
De circulaire economie is regeneratief (hernieuwbaar), bestaande uit een biologische en technische kringloop. In de biologische kringloop komen grondstoffen terug in de biosfeer. In de technische kringloop worden materialen zo lang en hoogwaardig mogelijk in omloop gehouden. De circulaire economie draait op duurzame energie. Bij circulair bouwen worden deze principes gebuikt om gebieden en gebouwen te creëren die onderdeel zijn van een ecosysteem die zelfvoorzienend en niet belastend is voor de aarde.

Duurzame onderwijshuisvesting:
Een duurzaam schoolgebouw faciliteert (wat mij betreft) primair het leerproces, door een gezond en stimulerend binnenklimaat bij lage exploitatielasten (energieverbruik en onderhoudskosten).

Bij schoolgebouwen overheerst over het algemeen nog steeds de “sober en doelmatig” ambitie, mede ingegeven natuurlijk vanuit overwegend krappe budgetten in de sector. Het programma Frisse Scholen heeft het belang van integrale duurzaamheid (gezond binnenklimaat en laag energieverbruik) gelukkig vergroot, maar implementatie in de praktijk gaat niet snel en soepel (genoeg). Vanwege de hoge bezetting en het intensieve gebruik is het belang van zware prestatie-eisen groot. Meer dan 75% van de schoolgebouwen voldoen echter nog niet eens aan de laagste klasse. Daaronder lijdt de kwetsbare doelgroep dagelijks. Bij scholen die wel gezond en duurzaam ontworpen zijn valt op dat er een grote afhankelijkheid van (vaak complexe)  installaties gecreëerd is, met allerlei problemen in gebruik en onderhoud tot gevolg.

Termen als circulair of biobased komen nog niet of nauwelijks voor in het vocabulaire van duurzame onderwijshuisvesting, waarschijnlijk vanuit de overtuiging of angst dat het de zaken alleen maar complexer maakt. Dat is (deels) onterecht naar mijn idee. Ik ben namelijk hiervan overtuigd: een biobased schoolgebouw kan met minder installaties tot een beter binnenklimaat leiden, bij een lager energieverbruik!

Natuurlijke materialen scheiden geen schadelijke stoffen af en hebben vaak goede akoestische eigenschappen. En dampopen constructies hebben een natuurlijke vochtregulerende werking. Temperatuur, vochtgehalte en luchtkwaliteit zijn van nature beter in biobased gebouwen. In theorie kan de mate van luchtverversing daarbij lager zijn. Aangevuld met natuurlijke ventilatie kom je op deze manier op en simpel en robuust systeem uit. Uiteraard vergt ook deze strategie zorgvuldige detaillering en uitvoering.

Als vader en ondernemer wil ik niets liever dan kinderen een natuurlijke leeromgeving bieden, vanuit de overtuiging dat dit de gezondheid en leerprestaties bevordert! De materialen kunnen we lokaal laten groeien, waarbij CO2 wordt opgeslagen. Bij afdanking houden we altijd waardevolle reststoffen over, dus ook nog goed voor milieu en toekomstige generaties!

Wie deelt deze droom en mogen wij helpen om zo’n natuurlijk schoolgebouw te realiseren? Let me know!
Met gezonde groet, Olivier Lauteslager

PS: de foto is van de Green School in Bali, de ultieme vorm van een natuurlijke school en duurzame educatie. Niet op deze manier geschikt in ons klimaat uiteraard, maar probeer eens aan te voelen wat zo’n concept met je doet…

Almere zaait biobased bouwketen op wachtlanden

DSC06763Op 12 mei j.l. heeft wethouder Henk Mulder het startschot gegeven voor het zaaien van hennep in Almere Nobelhorst. Ook in Almere Poort zullen wachtlanden langs de A6 ingezaaid worden met cannabis sativa. Een slimme zet van de gemeente want ons initiatief biedt meerdere voordelen en kansen:

Aanpak van wachtlanden:
Bij grote delen van nieuwbouwwijken in de stad zijn de ontwikkelingen en uitbreidingen tot stilstand gekomen gedurende de crisisperiode. De kale vlaktes zijn grote kostenposten vanwege de rentelasten. Tegelijkertijd verloederen de wijken in aanbouw en neemt de waarde van het omliggende vastgoed af. Door tijdelijke productieve inzet van deze wachtlanden fleurt de buurt weer op en worden de kosten gedrukt.

Opslag van CO2:
De aanwas van industriële hennep zorgt voor een CO2 opname (door fotosynthese) van 13,5ton per hectare. De hoeveelheid CO2 die wordt opslagen bij de gezaaide 11 hectare in Almere is equivalent aan de uitstoot van ruim 800.000 kilometer autorijden!

Teelt van lokale biobased (bouw)materialen
Hennep kan nu al verwerkt worden tot circa 2000 nuttige producten, variërend van canvasdoek, verf, kleding, carrosserie onderdelen, isolatiemateriaal tot voeding. Ter voorkoming van vele transportkilometers zijn juist lokale nagroeibare bouwproducten erg interessant. Van de oogst van 11 Ha hennep kunnen (theoretisch) 11 woningen gebouwd worden, of 55 woningen geisoleerd worden. Een regio die in haar eigen (bouw)materialen kan voorzien heeft bovendien meer veerkracht. Met een grote agrarische sector is Flevoland hiervoor bij uitstek geschikt. Bodem verrijkende hennep kan voor wisselteelt gebruikt worden.

Aanjagen van de circulaire economie
Via zichtbare teelt in de stad en toepassing in lokale bouwprojecten wordt vraag en aanbod van biobased bouwmaterialen gestimuleerd. Ons pilotproject van 11Ha genereert een hoop bekendheid. Wij zijn nu met de gemeente actief op zoek naar bouwprojecten waarin het hennepmateriaal toegepast kan worden. Dit zal werk creëren voor hennepverwerkers en producenten in een nieuwe circulaire economie.

Vergroten van de biodiversiteit
Een niet te onderschatten voordeel van de teelt op wachtlanden is dat de biodiversiteit lokaal weer zal toenemen. Juist in steden is dat van grote waarde. Uitbreiding van productief groen tot in de stadskernen heeft namelijk een gezond effect op de ecologie en op onze welzijn.

Gezond bouwen
Naast een lage CO2 voetprint van biobased materialen (overigens niet per definitie!), is een belangrijke meerwaarde van natuurlijke bouwmaterialen dat zij de gezondheid van gebruikers bevorderen. Biobased materialen scheiden geen gevaarlijke stoffen af en hebben een dampdoorlatende en vochtregulerende werking. Voor onze met radon, fijnstof en formaldehyde vergiftigde luchtdicht gebalanceerde gebouwen is dat een verfrissend alternatief!

In het geval van Almere werken wij samen met boer Herman Navis voor de teelt van de hennep. De firma Hempflax zal de oogst verwerken tot halffabrikaten. Wij ondersteunen de gemeente bij het zoeken naar en committeren van bouwprojecten, alsmede bij de bepaling van producten, technieken en verwerkers. Annemarie van Osch van de gemeente Almere: “Zonder het doorzettingsvermogen van Aldus bouwinnovatie was deze belangrijke eerste stap nu nog niet gezet!”
De ambities reiken veel verder, want we willen met deze pilot aantonen dat we de Floriade van 2022 kunnen laten groeien in lijn met de gedachte van Growing Green CIties. Almere kan zich ontwikkelen tot eerste Nederlandse stad waarin economie en ecologie floreren!

Wij geloven zelfs dat we ons als land hiermee kunnen onderscheiden, dus wie kent meer concrete kansen voor:

  • gemeentes die willen telen op wachtlanden?
  • potentiële biobased bouwprojecten?

Zie ook het artikel op architectenweb!

Bouwen aan biobased ambities

plaatjebbambitiesWij gaan iets in beweging zetten en hebben je hulp nodig!
Koppel ons aan partijen (uit de volledige keten) die ook biobased ambities hebben zodat we samen de biobased bouw kunnen aanjagen en vormgeven.
Don’t stay in line, step into the circle!

Het is onze innerlijke en stellige overtuiging dat we onze samenleving (waaronder de bouwsector) meer in balans met de natuur moeten brengen. Dat is het belangrijkste doel van duurzaamheid. Daarvoor moeten we onze grondstoffen op een circularie manier gaan gebruiken, in tegenstelling tot de huidige lineaire methode. Als in een ketting moeten we de schakels aan elkaar gaan verbinden.

Biobased materialen bieden hiervoor bij uitstek de kans omdat ze nagroeibaar zijn, lokaal verkrijgbaar en vaak weer als voedingsbodem voor nieuwe materialen kunnen dienen. Daarnaast kunnen biobased materialen onze mate van zelfvoorziening vergroten en dragen ze bij aan een gezond en comfortabel binnenklimaat.

Je kent ons als adviesbureau voor duurzame innovatie in de bouw.
Concreet kent onze dienstverlening vele verschillende facetten van productontwikkeling en duurzaamheidsadvies aan verschillende doelgroepen. Onze kracht ligt in vernieuwing, creatie en inspiratie. Dat heeft afgelopen 15 jaar tot een grote variëteit aan referenties geleid. Tegelijkertijd is dat onze zwakste schakel; voor een duidelijkere profilering hebben we besloten meer focus aan te brengen richting deze biobased bouw.

Zie in deze link en in onze overige blogartikelen meer info, inspiratie en achtergrond van deze visie.

Wat leidt ons naar een biobased bouwtoekomst?

  • Bekendheid genereren (bewustwording)
  • Crosssectorale verbanden aangaan om ketens te sluiten (samenwerking)
  • Technologische vernieuwing (innovatie)
  • Teruggrijpen op oude bouwprincipes (herwaardering)
  • Realisatie van biobased producten en gebouwen (creatie)
  • onderzoek naar prestaties (validatie)

De Europese unie en de Nederlandse regering zetten fors in op de onwtikkeling van de Biobased Economie, met verschillende stimuleringsprogramma’s. De bouwsector is daarin vooralsnog onderbelicht, en dat willen wij veranderen.

Wat gaan wij doen? Wij zullen ons op 2 aspecten gaan richten, ter bevordering en concretisering van de biobased bouw:

  1. Verbinden van vraag en aanbod; door lokale stimuleringsprogramma’s op te zetten.
  2. Ontwikkelen van biobased bouwproducten; in opdracht of op eigen initiatief.

Voor beide punten zullen wij (evt. in coalities) subsidie-aanvragen indienen bij landelijke en regionale instanties.

Hoe kan je meedoen?

  1. Doe ons suggesties van partijen uit je netwerk die biobased potentie of ambities hebben (bijvoorbeeld omdat ze grote reststromen bezitten of daaraan behoefte hebben):
  2. Doe ons suggesties voor nieuw te ontwikkelen biobased producten; 

In beide gevallen zullen wij contacten gaan leggen om deze ideeën te toetsen en uit te werken. Daarbij betrekken we jou natuurlijk weer, en zo rijgen we de ketting aan een.

De eerste 10 partijen die zich hier op kantoor melden met een suggestie ontvangen het boek “Glimpses of the future” met nog 15 prikkelende toekomstperspectieven.

Laten we een kettingreactie veroorzaken!
Hartelijke groet, Atto Harsta & Olivier Lauteslager

Inspiratie en oplossingen uit de natuur, ook voor de bouw!

VPRO Nederland van boven; alf. OogstHet moet anders! We moeten ons handelen drastisch wijzigen om een volhoudbare situatie voor onszelf te creëren, en de naderende afgrond te ontwijken. Deze onheilspellende geluiden bereiken ons steeds vaker, en gelukkig raakt een groeiend aantal mensen zich bewust hiervan. Maar weinigen weten wat er concreet moet gebeuren. Onze overtuiging: we moeten volledig in balans met de natuur leven; Re-Genereren! Waarom en hoe? Daarvoor verwijs ik graag naar de inspirerende documentaire: A farm for the future.

Afgelopen najaar bekeek ik deze oude BBC docu uit 2009 voor de derde keer. Telkens raak ik bevlogen en hoopvol van het betoog, de beelden en de mooie oplossing die Rebecca Roskin mij als kijker voorspiegelt. Niets aan dit verhaal is verouderd of achterhaald. Het gaat over de noodzakelijke transitie van onze westerse landbouw. Bij Aldus focussen wij ons voornamelijk op verduurzaming van de bouwsector, maar ik zie veel belangrijke overeenkomsten in de ingrijpende oorzaken en oplossingen van deze landbouwrevolutie.

De enorme afhankelijkheid van fossiele grondstoffen (voor brand- meststoffen en pesticiden), de opschudding van een fundamenteel principe (niet meer ploegen) en de synergie met de natuur als oplossing (permacultuur) zijn 1 op 1 van toepassing voor de bouw. Hierbij een aantal belangrijke quotes uit de documentaire:

  • “De oliemens is aan het uitsterven!”
  • “Moderne landbouw is niet te handhaven vanwege de volledige afhankelijkheid van fossiele energie.”
  • “Ons voedsel druipt in olie!”
  • “Industriële landbouw heeft 10 calorien aan fossiele energie nodig om 1 calorie aan voedsel te produceren.”
  • “Opgetelde potentieel van verschillende duurzame energievoorzieningen zijn niet voldoende om huidige consumptieniveau in stand te houden”
  • “Huidige olietoevoer staat gelijk aan mankracht van 22 miljard slaven 24uur per dag.”
  • “STOP met ploegen; daardoor dood je alle belangrijke organismes in de grond.”
  • “95% van voedsel is volledig afhankelijk van kunstmest voor industriële landbouw op dode grond.”
  • “Weides zijn voorbeeld van levende grond met uitbundige biodiversiteit en levendigheid.”
  • “Permacultuur biedt alternatief door doelbewust te ontwerpen waardoor arbeid en energie overbodig worden.”
  • “Bostuin imiteert groei van bos maar produceert meer eetbare soorten.”
  • “Tuinieren is het nieuwe landbouwen én efficienter; 5x zo veel opbrengst per m2 dan een grote boerderij”
  • “Biodiversiteit is cruciaal!”
  • “We moeten werken met de natuur ipv de natuur te bevechten”

De bouwsector is net zo afhankelijk van fossiele grondstoffen voor verwarming, elektraverbruik, transport en materialen. De impact op het milieu is enorm. De bouw is verantwoordelijk voor 50% van ons energieverbruik, 50% van de CO2 uitstoot, 40% van de afvalproductie en 25% van het weggebruik [uit Legolisering van de bouw; prof. Hennes de Ridder]. De bouwsector zal dus ook haar aanpak radicaal moeten wijzigen om een volhoudbare situatie te creëren. We moeten onder andere de bestaande en nieuwbouw energieleverend maken. We moeten huidige vanzelfsprekendheden zoals bijvoorbeeld betongebruik, gasaanluitingen en wisselstroom herzien. En we moeten op een natuurlijke manier onze bouwmaterialen in lokale kringlopen gaan organiseren door biobased te gaan bouwen. Nu begrijp je onze fascinatie en overtuiging voor biobased bouwen!

Veel kijkplezier en inspiratie gewenst. Heel graag vernemen wij waaraan jij je inspiratie ontleent!? Met positieve groet, Olivier Lauteslager

Green Deal “Biobased Bouwen”

Atto Harsta tekenen Green Deal BBbouwen 13112013Tijdens de innovatie estafette op 12 november 2013 werd de Green Deal “biobased bouwen”ondertekend, mede door Aldus bouwinnovatie. De uitvoering van de Green Deal start direct en zal in 2015 worden afgerond.

De Green Deal Biobased Bouwen werd gesloten tussen ruim 20 partijen die actief zijn in de bouwsector en de ministeries van Economische Zaken, Infrastructuur en Milieu en Binnenlandse Zaken (Wonen en Rijksdienst). Het doel van deze Green Deal is het verbeteren van het concurrentievermogen van de biobased economie door stimulering van het gebruik van biobased materialen, producten en concepten in de Nederlandse bouw.

De Green Deal beoogt het creëren van een gelijkwaardig speelveld voor biobased producten. Dit wordt uitgewerkt door teams die zich gaan richten op de positie van biobased bouwmaterialen, producten en bouwconcepten in de milieu- en bouwregelgeving, het verbeteren van de kennisuitwisseling en het ontwikkelen van een gezamenlijke communicatie- en marketing strategie voor biobased materialen, producten en bouwconcepten.

De Green Deal biobased bouwen is een gevolg van de oproep die Roel Bol (directeur BBE-EZ) tijdens de opening van het Biobased Paviljoen in ICDuBo op 29 september 2012 deed. Het paviljoen wordt ondersteund vanuit het Interreg IVb project CAP’EM, een Europees project om de productie, verspreiding en het gebruik van ecologische materialen te bevorderen.

Aldus bouwinnovatie levert actieve bijdrage aan deze Green Deal omdat wij overtuigd zijn van de noodzaak van een circulaire economie (biologische kringloop) voor de bouwsector. Via de Green Deal zal de vraag naar biobased bouwen geactiveerd moeten worden, terwijl concrete projecten het goede voorbeeld moeten geven. Wij dagen iedereen uit om de natuurlijke grenzen met ons te verkennen!

Deelnemers zijn: Aldus Bouwinnovatie, Dutch Green Building Council, ECOboard Europe, Eco-Makelaar, Foreco Dalfsen, Gebiedsonderneming Laarberg Biobased Informatie Centrum (BIC) Achterhoek, Greenhuus, Groenebouwmaterialen, ICDuBo, IFD-products, Ingenieursbureau IOB, Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Ministerie van Economische zaken, Ministerie van Infrastructuur en Milieu, NPSP, ORGA architect, Raab Karcher Greenworks, RDM campus Concept House Village, Rolsma Advanced Biobased Paints, SBRCURnet, Stichting Agrodome (penvoerder), Verduurzaamd Hout Nederland, Villanova architecten, Warmteplan, Wageningen UR- Food & Biobased Research.

BioDesign aanjager biobased economie

living-root-bridgeblog Atto Harsta 8 nov Stedebouw & Architectuur:
Groen is door de marketeers en door de media dood verklaard. Greenwashing heeft alle groene claims in een negatief daglicht geplaatst. Hoogste tijd voor de volgende duurzame buzz. Volgende week teken ik de Green Deal – BioBased bouwen.

Daar is nu al zoveel spraakverwarring over dat ik heb aangeven dat het meest cruciale onderdeel ervan is ‘de definitie van BioWattus en de relaties met andere duurzame stromingen, visies, labels en initiatieven’ bij het niet biobouwpubliek te verduidelijken. U zult begrijpen dat ik wantrouwend keek naar de uitnodiging om de opening van de BioDesign tentoonstelling (nog tot het 05.01.2014 in het Nieuwe Instituut te zien) te komen bijwonen. Achteraf goed dat ik wel gegaan ben want het is, zoals zoveel ontwikkeltrends, oud gedachtegoed wat onder een nieuwe naam aan een nieuw en hopelijk succesvol leven begint.

BioDesign is ‘een glazen stolp met vuurvliegjes als straatverlichting’ het is samenwerken met de natuur om een duurzame oplossing voor hedendaagse problemen te realiseren. De mesthoop achterin mijn tuin voldoet ook aan de BioDesign criteria. Hier ben ik samen met een grote hoeveelheid bacteriën en pieren de lokale GFT kringloop aan het sluiten. Ik produceer met afval mest voor de moestuin die weer nieuw biologisch voedsel en vervolgens afval gaat voortbrengen. Beide voorbeelden waren overigens niet op de tentoonstelling zichtbaar maar wel vele andere concrete en inspirerende projecten en producten van wat de samenwerking tussen ontwerpers, biologen en wetenschap zou kunnen voortbrengen.

Het is een ontwerphouding die volledig past bij de circulaire economie – het sluiten van de biologisch kringloop – en biedt een alternatief voor het lineaire denken van Take, Make en Waste. De bouw is een grote speler in die lineaire economie door haar enorme behoefte aan, veelal niet hernieuwbare, grondstoffen. Naast alle vooruitgang die de industriële revolutie ons heeft gebracht is de manier waarop wij met onze grondstoffen en daarmee met de aarde zijn omgaan de grootste misvatting geweest. We hebben de natuur geëxploiteerd en buitengesloten.

Zowel als voorbeeld hoe het anders zou kunnen (biomimicry) of als co-designer (biodesign) waarbij de belangen van alle betrokkenen gelijkwaardig worden meegenomen in de oplossing. Het BioDesign voorbeeld van de wortelbrug (India, 1500 A.D. waar natuurvolken de boomwortels aan twee zijden van een rivier met elkaar lieten vergroeien tot een levende brug) is daarvoor een prachtige metafoor van de nieuwe verbinding tussen Planet en People die BioDesign voorstaat.

Van weren via inspireren naar integreren en samenwerken. Van Industrial Design, via Biomimicry naar BioDesign. Een kans voor ontwerpers om samen met de wetenschap en biologen tot nieuwe oplossingen te komen. Een kans om onze economische afhankelijk van grondstoffen uit de rest van de wereld te verminderen door meer eigen hernieuwbare materialen te gaan gebruiken.

Een kans om onze agro kennis en economische positie tot de belangrijkste Nederlandse sector te laten uitgroeien waarbij een intensieve samenwerking met andere sectoren noodzakelijk is. BioDesign gaf mij een geheel nieuw perspectief op de mesthoop achter in onze tuin waarmee ik onafhankelijk ben geworden van het fosfaat uit de Sahel en samenwerk met de natuur.

Eenvoudig naar een biobased gebouwde omgeving


Plafond Richard Rogers Barajas Madrid
Houten funderingspalen in plaats van betonnen, vlas- of hennepisolatie in plaats van glas- of steenwol, bamboe kozijnen in plaats van aluminium of pvc en kabelgoten van zetmeel in plaats van pvc. Dat zijn vier eenvoudige stappen op weg naar een biobased gebouw.

Cobouw 28 maart 2013 door Maartje Henket

Biobased is een visie die uitgaat van een economie gebaseerd op hernieuwbare grondstoffen. Deze zijn veelal van dierlijke of plantaardige herkomst. De gebruiksduur van een product moet voorts overeenstemmen met de tijd die het kost om het te verbouwen. Een eikenhouten tafel is bijvoorbeeld onverantwoord, omdat een eik er tenminste vijftig jaar over doet om volwassen te worden en niemand vijftig jaar met zijn tafel doet. Het gebruik van fossiele aardolie is op die gronden nooit te rechtvaardigen, want het ontstaan hiervan kost enige miljoenen jaren.

Directeur Atto Harsta van Aldus bouwinnovatie geeft de ommezwaai weer die de bouw moeten maken om aan deze voorwaarden te voldoen. “De focus moet verschuiven van energie naar grondstoffen. We sturen nu op energieverbruik – en dan ook nog eens alleen op het gebouwgebonden energie. De energie die nodig is om het gebouw te maken, te gebruiken en weer te slopen blijft buiten beschouwing. Een goede gebouw LCA zou al beter zijn dan de EPC, op dit moment een heel slap sturingsinstrument.

Deze tunnelvisie op energiebesparing en kierdichting leidt volgens Harsta tot onprettige en ongezonde gebouwen. “We lezen inmiddels regelmatig over het slechte binnenmilieu in extreem nageïsoleerde huizen. Een goed ontworpen biobased huis is dampopen, net als de huid van de mens. De toegepaste materialen hebben geen schadelijke effecten.”

Er zijn vier manieren waarop groene grondstoffen kunnen worden toegepast. De eerste en eenvoudigste is rechtstreeks, zoals bij een groene gevel of een groen dak. Bij de tweede manier wordt het groen eerst geoogst en vervolgens met geen of minimale bewerking gebruikt, zoals bij een rieten dak of een wand van wilgentenen en leem. De derde manier behelst een iets ingewikkelder verwerkingsproces, waarbij echter geen chemie komt kijken. Een voorbeeld hiervan is linoleum. De vierde manier is de meest geavanceerde. Hier worden materialen omgezet naar wezenlijk andere producten door iets te veranderen in de moleculaire keten. Hierbij moet je denken aan bioraffinage zoals het product biofoam of bij bioharsen voor de productie van biocomposieten. Het eindproduct ziet er hetzelfde uit als de fossiele tegenhanger.

Harsta ziet de meeste kans voor producten uit niveau drie en vier. “Soms is het proces van applicatie sturend. Daarom moet je biobased alternatieven ontwikkelen die op eenzelfde manier kunnen worden verwerkt als hun traditionele tegenhanger. Biofoam kan PUR-schuim bijvoorbeeld één op één vervangen en is daardoor gemakkelijk te implementeren. Bovendien geven producten uit niveau drie en vier de grootste vormvrijheid – en zijn ze gemakkelijker op te schalen. Het kost meer moeite om een dergelijk product te ontwikkelen, maar als je het eenmaal hebt, kun je er wel gemakkelijk meer van maken.”

In de visie over biobased bouwen is nog een laatste aspect van belang. De gebruikte grondstoffen moeten van dichtbij komen. “We kunnen op zich al een volledig biobased huis bouwen van producten die we in Nederland verbouwen. Maar de kunstmest die we gebruiken, komt uit Marokko en uit China. En de metalen die we gebruiken in onze computers en telefoons, komen uit China. Dat maakt ons kwetsbaar. Als je het hele plaatje echt goed bekijkt, dan wil je naar een circulaire economie: een economie waarin we alles hergebruiken en niets van ver halen. Dat is moeilijk haalbaar, maar gelukkig hebben we al veel grondstoffen in omloop. Laten we die in elk geval koesteren en hergebruiken. En dan bedoel ik zowel de lithium uit je telefoon als het leer van je oude bank.”

Verschillen traditioneel en biobased
product                  traditioneel materiaal      biobased variant
isolatiemateriaal      steenwol, glaswol                 vlas, hennep, schapenwol
kozijnen                   aluminium, pvc                     hout, biocomposiet, bamboe
metselmortel            cement                                 schelpenkalk
buitengevelisolatie   eps, cementmortels             dampopen biobased constructies
–                                                                            zoals houtvezelisolatie en stuc
–                                                                            kunststof van aardappelschillen
Een uitgebreide lijst is te vinden op http://www.cobouw.nl

1 biobased pilot maakt nog geen zomer!

agrodome2010-5In Wageningen zijn in 2011 vier bijzonder woningen gerealiseerd als proefproject voor het bouwen met hernieuwbare grondstoffen. Het project Agrodome was bedoeld om als voorbeeldproject voor hernieuwbaar materiaalgebruik in de bouw te dienen en zo de toepassing ervan in de bouw te stimuleren. Aldus bouwinnovatie geeft o.a vorm en invulling aan de Green Deal Biobased Bouwen en heeft recentelijk het project Agrodome geëvalueerd. We hebben daarbij specifiek gekeken of de gestelde doelen zijn behaald.

Door het enthousiasme van de betrokken partijen (Gemeente Wageningen, architect Renz Pijnenborgh, WUR, bouwbedrijf van Swaaij) is het project en succes geworden waar de bewoners nog steeds naar volle tevredenheid en gezondheid wonen. Het project heeft echter nog weinig navolging gekregen in en rond Wageningen. Hoe komt dat?

Op donderdag 14 februari presenteren wij onze uitkomsten en aanbevelingen op de bijeenkomst ‘Biobased bouwmaterialen in relatie tot het Nieuwe Bouwbesluit ‘13’ bij de WUR in Wageningen.

Erbij zijn? Zie de aankondiging via onderstaande link:
VCTRCTuitnodiging

Start de zomer biobased!

Op woensdag 4 juli 2012, start op 19:30 de ABE zomereditie in het Materials Inspiration Center in Amsterdam; dit maal praten Atto Harsta en Els Zijlstra u bij over ontwikkelingen omtrent biobased materialen en de biobased economy.

Biobased materialen; een nieuwe tendens binnen duurzaam bouwen? Feit is dat we steeds meer horen over de noodzaak voor een echte groene economie gebaseerd op BioBased grondstoffen. De afhankelijk- heid van grondstoffen groeit met het het toenemende gebruik en de optredende uitputting. De bouw is als twee na grootste grondstoffengebruiker een belangrijke speler in die grondstoffenpolitiek.

• Zijn er al voldoende BB materialen voor handen, zo ja welke ?
• Wat zijn de laatste ontwikkelingen ?
• Is een 100% BB gebouw mogelijk ?
• Kun je met BB materialen ook architectuur maken ?

In deze ABE zomereditie zullen Atto Harsta – Aldus bouwinnovatie en Els Zijlstra – Materia deze vragen en die van alle abe deelnemers toelichten in de inspirerende omgeving van meer dan 1000 materiaalsamples.

Meldt u van te voren aan bij Atto Harsta; via atto@aldus.nl – Deelname is gratis!
Klik hier voor de flyer

Biobased architectuur op de Floriade tijdens “Groen 2012”

In Heerlen wordt de wijk van morgen gebouwd, een demonstratieproject waarin studenten en bedrijven samenwerken aan nieuwe ontwikkelingen op het gebied van duurzaam bouwen en duurzame energievoorziening. Binnenkort start de bouw van de vierde woning, die volledig biobased zal zijn. Rond de woning wordt bovendien een tuin aangelegd waar de gewassen worden aangeplant die de grondstoffen leveren voor de biobased bouwmaterialen.

Symposium Groen 2012
Op woensdag 9 mei licht Ronald Roovers dit uitdagende project toe op de Floriade tijdens het programmadeel Biobased Bouwen. Vervolgens zal Atto Harsta van Aldus bouwinnovatie u door de wereld van het biobased bouwen leiden. Lees hier het artikel van Aldus over biobased architectuur. Hij zal bovendien de brug slaan tussen de agrowereld en de bouw.

Voor wie interessant?
Ondernemers uit de agrosector die kansen zien voor toepassing van hun gewassen en reststromen in bouwmaterialen en partijen uit de bouwwereld.

Wat levert het mij op?
Inspiratie en inzicht in de brug tussen de bouw en de agrosector.

Sprekers
Ronald Roovers van Hogeschool Zuyd
Atto Harsta van Aldus bouwinnovatie.

Voor meer informatie over Groen2012 in de Floriade klik hier